Tom kijkt anders naar mensen.
Misschien deed hij dat als kind al

Op school voelde hij zich nooit echt de leerling die eruit sprong. Lezen ging lastig, rekenen ook. Dyslexie werd onderzocht, maar hij viel er nét buiten. Terwijl anderen boeken lazen ging Tom dingen zoeken om zich te vermaken en leerde vooral door te kijken.
Naar mensen. Naar licht. Naar kleine details die anderen misschien niet eens opmerkten.
Op zijn elfde kocht hij zijn eerste spiegelreflexcamera bij een plaatselijke fotograaf. Geen digitale camera zoals nu, maar eentje met rolletjes. Hij trok eropuit om bloemen, insecten en alles wat hem fascineerde vast te leggen.
“Misschien ben ik daardoor wel meer een beelddenker geworden.”
Toch zag hij fotografie lange tijd niet als een optie voor hemzelf. Kunst leek iets voor andere mensen. Eerst volgde hij een zorgopleiding. Daarna kwam hij via schilderlessen steeds dichter bij de creatieve wereld terecht. Tot hij uiteindelijk besloot naar de kunstacademie te gaan.
“Het begon gewoon steeds meer te kriebelen.”
Daar ontdekte hij iets belangrijks: fotografie liet hem niet meer los. Terwijl anderen misschien zochten naar wat ze wilden worden, voelde hij langzaam dat dit al die tijd al ergens in hem zat.
Maar makkelijk was het niet.
Hij studeerde af in 2008, midden in de economische crisis. Geen ideale tijd om als jonge fotograaf te beginnen. Eerst gaf hij les in fotografie, terwijl hij daarnaast probeerde zijn eigen werk op te bouwen. Opdrachtgevers vinden. Een portfolio maken. Apparatuur kopen. Netwerken. Volhouden.
En vooral: blijven geloven dat het ooit echt zou gaan lukken.
Want achter het beeld van “lekker van je hobby je werk maken” zit volgens Tom een heel andere werkelijkheid.
“Mensen denken soms: je maakt een foto en klaar. Maar er komt zoveel meer bij kijken.”
De gesprekken vooraf. De spanning van opdrachten. Het bewerken van beelden. Boekhouding. Acquisitie. Contact houden met opdrachtgevers. En ondertussen ook nog creatief blijven.
Maar juist in dat creatieve stuk zit zijn hart.
Tom noemt zichzelf een mensenfotograaf. Niet omdat hij alleen mensen fotografeert, maar omdat hij écht geïnteresseerd is in wie er tegenover hem staat.
Veel van zijn opdrachten zijn in de zorg. Hij ontmoet mensen die ziek zijn geweest, verlies hebben meegemaakt of midden in een moeilijke periode zitten. En vaak gebeurt er dan iets bijzonders.
Die ochtend nog fotografeerde hij een man voor een zorgvakblad. Anderhalf jaar geleden verloor deze man zijn vrouw. Zelf kreeg hij ook te maken met gezondheidsproblemen en een ongeluk. Terwijl Tom nog maar net binnen was, begon de man zijn verhaal te vertellen.
“Mensen vertellen hun verhaal aan mij, terwijl ze me eigenlijk nog nooit ontmoet hebben.”
Hij luistert. Neemt de tijd. Niet gespeeld, maar oprecht. En volgens hem zie je dat uiteindelijk terug in een foto.
“Je kunt snel een plaatje schieten en weer weggaan. Maar ik geloof dat echt contact verschil maakt.”
Misschien voelen mensen dat ook wel aan hem. Dat hij zichzelf niet groter maakt dan hij is. Geen rol speelt. Gewoon Tom blijft.
“Ik kom overal gewoon als mezelf binnen. Ook bij directeuren.”
Dat maakt dat mensen zich vaak sneller ontspannen. Terwijl bijna iedereen hetzelfde zegt zodra de camera verschijnt:
“Ik sta eigenlijk niet graag op de foto.”
Tom begrijpt dat trouwens heel goed. Zelf staat hij er namelijk ook liever niet op.
En hoewel fotografie vaak draait om het perfecte plaatje, vertelt Tom opvallend eerlijk over fouten en onzekerheid. Niet omdat hij grote blunders maakte, maar juist omdat hij zo secuur werkt.
Hij ontwikkelde in de loop der jaren bijna vaste rituelen. Apparatuur inpakken in een vaste volgorde. Altijd back-ups maken. Foto’s meteen veilig opslaan. Routine, omdat hij weet hoe kwetsbaar één moment soms kan zijn.
Toch ging het ook bij hem weleens mis. Zo ontdekte hij ooit tijdens een opdracht dat zijn lens per ongeluk op handmatige scherpstelling stond. Gelukkig kon de eerste persoon die hij had gefotografeerd nog even terugkomen.
“Dat soort momenten vergeet je niet snel meer.”
En ooit verstuurde hij per ongeluk een mail waarin onderaan nog een oude, emotionele tekst stond die nooit bedoeld was om te verzenden.
“Die persoon was niet blij…”
Hij vertelt het met een glimlach, maar ergens laat het ook iets zien van wie hij is: iemand die zijn werk serieus neemt. Niet vanuit perfectionisme alleen, maar vanuit verantwoordelijkheid naar de mensen voor zijn camera.
Wat zijn werk hem gebracht heeft, gaat voor hem verder dan fotografie alleen. Hij noemt zichzelf van nature introvert. Iemand die ook veel behoefte heeft aan rust en ruimte. Maar juist door zijn werk leerde hij steeds meer uit zijn schulp te komen.
“Fotografie heeft ervoor gezorgd dat ik de wereld in ging.”
Hij kwam in contact met allerlei soorten mensen. Van bestuurders tot mensen in armoede. Van zorgmedewerkers tot patiënten. En overal ontdekte hij eigenlijk hetzelfde: iedereen wil gezien worden.
Dat raakt hem nog steeds.
Trots zijn vindt hij moeilijk. Natuurlijk is het mooi dat zijn werk in grote publicaties terechtkwam. Maar waar hij écht blij van wordt, zit ergens anders.
“Dat ik een fijne basis heb opgebouwd. Mooie opdrachtgevers. Dat mensen mij vertrouwen.”
En misschien zit daar wel precies de kern van zijn werk.
Want Tom maakt niet alleen foto’s van mensen.
Hij ziet de mens ook echt en maakt echt contact.
En misschien is dat uiteindelijk veel waardevoller dan de perfecte foto.
